Henk reports: Australie!
Like ons op Facebook

Henk reports: Australie!

door Henk-Jan de Meer

Vertrek

Eindelijk is het dan zover. Inpakken, wegwezen en opvliegen! Op Schiphol verzamelen we en checken we allen in. Dan is het een hele lange tijd (voor mijn gevoel) wachten en afscheid nemen. Ja, ik zal voorzichtig zijn en ja ik zal oppassen en ja ik zal zo snel mogelijk wat van me laten horen...

Om tien over zeven vliegen we weg, tenminste dat is de planning. Maar het wordt een half uur later. Eerst rijden we naar de startbaan. Een bochtje naar rechts, links rechts rondje draaien, rechts en ja dan zijn we er eindelijk. We gaan toch vliegend naar Londen... Dan begint het vliegtuig te brullen. De motoren draaien op volle kracht en ik voel ineens meer druk. We stijgen op en ik zie alles ineens schuin. Maar het valt me mee. Het is nog net niet zo dat mijn lichaam stijf in de stoel is gedrukt en mijn haren strak naar achteren staan.

Land zie ik al snel niet meer. Binnen enkele minuten is het een en al wolken. Maar wel een prachtig gezicht. Eenmaal op Heatrow moeten we opnieuw inchecken, maar alles wijst zich vanzelf. Dan moeten we wachten. Samen met reisgenote Anne Mare probeer ik de tijd te bepalen in Australië en Nieuw-Zeeland, maar dat is hopeloos. Ik snap d'r geen bal van. Laat maar zitten. Ik vraag het daar wel aan iemand. In het volgende vliegtuig, een boeing 747, voel ik me net een klein kind met nieuw speelgoed.

In de stoel voor me zit een tv en in de leuning een afstandbediening/ telefoon. Ik kan films kijken, spelletjes spelen, naar de radio luisteren, enzovoorts. Geweldig!! Ik kijk lekker naar Harry Potter en speel Tetris. Een nadeeltje: geen ondertiteling... En ik slaap ook nog een beetje terwijl ik ronddraai en mijn benen probeer te strekken. Het eten en drinken is trouwens ook lekker.

In Bangkok moeten we er even uit, zodat ze kunnen bijtanken etc. Dat komt mooi uit. Even de benen strekken. Tijdens de landing zie ik tot mijn stomme verbazing dat ze naast de landingsbaan aan het golven zijn. Er is daar gewoon een golfbaan aangelegd. Moeten ze eens in Nederland proberen... Twee uur later vliegen we verder. Het is erg grappig om Thailand te zien. Een en al in rechthoeken en vierkanten ingedeeld. Op de tv kunnen we trouwens ook kijken waar we op dat moment vliegen. Op tien kilometer hoogte met een slordige 850 kilometer per uur vliegen we Singapore voorbij.

Aankomst Sydney

Zes uur in de ochtend, Australische tijd. We zijn er. Eindelijk! Vlak voordat we kunnen uitstappen, moeten we blijven zitten van de piloot. Er is waarschijnlijk een geval van waterpokken... Niet bepaald het begin van mijn reis waar ik op gehoopt had: quarantaine. Maar het valt mee. We mogen er even later uit. Dan door de douane en ik sta in Sydney. Hmmm...niet veel verschil met Europa, zo op het eerste gezicht. Met een busje rijden we naar het hostel. Twee zeer enthousiaste Australiërs begroeten ons vriendelijk.

Vlug even douchen en dan de stad in. Samen met Bianca en Inge start ik een speurtocht naar een supermarkt om vervolgens te picknicken in Hyde Park. We zijn allemaal erg moe, maar lopen toch nog even langs The Sydney Opera House en de Harbour Bridge. Daarna in het hostel eten en slapen.

Ik lig op een kamer met negen anderen. Het stapelbed piept en de vloer kraakt enorm, maar het kan mij niet deren. Ik slaap als een os. Toch word ik wakker door medereisgenoot Joppe Fransen. 'Je moet wat zachter praten', fluistert hij, waarna ik een vrouwenstem hoor. 'Het is hier nacht.' Ohja, geweldig... Perfecte timing. Midden in de nacht ligt hij op bed te bellen met zijn vriendin 'De lul'. Ach, het hoort er bij en op zich is het wel grappig. Net zoals de volgende ochtend de ene na de andere wekker afgaat. Toet...toet... pieppiep, triiinng!!

Oz Experience Sydney

Vandaag wil ik maar eens wat informatie lezen en wat spullen kopen, zoals zonnebrandcrème en een adapter. En dan wat lezen in een park. Maar tijdens het ontbijt krijg ik te horen dat er een GRATIS rondleiding door Sydney is met de OZ Experience.

Een aantal reisgenoten van me gaan mee: weg planning. Rijden met die bus! Het is een hele gave rondrit. We gaan naar Bondi Beach, stoppen bij een grasveld met een fantastisch uitzicht op de skyline waar we de ansichtkaartfotootjes schieten. We lopen over de Harbour Bridge, lucnhen bij Manly beach, kijken in een nationaal park en nog wat andere speciale plekken in de stad. En de gids is super. Overal zit een verhaal achter en hij kan over alles wat vertellen. Over de gebouwen, de historie, de Australische planten enzovoorts. Rond een uur of vijf zijn we terug en ik moet opschieten, want ik heb afgesproken met mijn Australische vriend Hugh McCormack.

Ik vraag hem waar ik moet zijn en dankzij de slechte telefoonverbinding loop ik naar Central station. En dat terwijl ik bij Wynard Station moet zijn. Kijk maar op een kaart hoe ver dat lopen is. Goed voor de conditie, denk ik maar. Maar ter aanbeveling voor dat gebied: meer straatnamen!!! Ik ben eigenlijk zeer moe, maar de kroegentocht door de 'binnenstad' is fantastisch.

We lopen van de ene bar naar de andere. Het is leuk om hem weer te zien. En het bier smaakt ook goed! Alleen als de Australiers onderling praten is het (tot nu toe) lastig om ze te volgen. Ze mompelen veel en praten rap. Als ik terug ben in het hostel, wil gaan slapen. Maar nog geen half uur later komt een nieuwe kamergenoot binnen met een meisje. En die jongen slaapt tegenover mij. Jullie kunnen zelf wel bedenken wat ze deden. Ik moest het niet alleen aanhoren, maar ook nog eens zien. Ze deden het recht in mijn gezicht. Ongelooflijk! Ik zat, zeg maar, op de eerste rang. Net wat ik nodig had...NOT! De nachten in dit hostel worden in zekere zin dus steeds interesanter, maar om te slapen...

Een weekje logeren bij de Aussies

Deze week logeer ik bij mijn Australische vriend Hugh en zijn familie. Ik leerde hem vorig jaar kennen tijdens mijn rondreis door Europa. Samen feesten in Corfu. Zijn familie is erg aardig en ze wonen in een hele mooie voorstad van Sydney: Northwood. Dat is vlakbij Lane Cove.

Hugh's moeder, Diane, heeft me de omgeving en de stranden van de North Shore per auto laten zien. Het blijft raar om in een auto te rijden hier. Ik zit voorin links en er is geen stuur. En je ziet allemaal rijdende auto's met alleen een passagier er in... Diane kan erg geweldig koken. Kip, lam, rijst, pompoen en zelfs wat chinees eten. Het is allemaal erg lekker.

Zo goed kan ik nooit koken en ik zal dit volgende week ongetwijfeld missen. Tijdens mijn verblijf heb ik een beetje de voorstadjes bekeken en het ziet er leuk uit. Eigenlijk heel normaal en zelfs wat saai. Maar tenminste even geen toeristische attracties! Rond drie uur moet je oppassen, want dan komen de scholen uit en zwermen de schoolkinderen in hun uniformpjes om je heen.

Deze week heb ik onder andere de Botanical Gardens bezocht en het is daar fantastisch. Lekker relaxen op het grasveld en de zeer verschillende planten bekijken die uit de hele wereld komen. Zelfs vleermuizen huizen in het park. De Australiërs mogen graag dingen anders doen. Ook hier. Normaal zie je een bordje 'verboden te lopen op het gras' en hier: 'Please walk on the grass...'. Ook nodigen ze je uit om de bomen te knuffelen.

Mocht je daar ooit lopen, kijk dan goed rond, want er valt veel te zien. Zeker met het fantastische uitzicht op de Sydney Opera House en de Harbour Bridge. En als je dan daar rond loopt, hou dan even voor tien minuten je mond dicht en desnoods ook je ogen. Wat je dan hoort is zo relaxed en rustgevend dat je er nooit meer weg wilt...

Tussendoor heb ik nog even een dagje gewinkeld met een Duitse meid en winkelen kan je hier heel goed doen. Irina Bitter heeft wat kleding nodig en ik wat souvenirs. Aan het einde van de dag heeft ze een roze/wit sjaaltje, een roze jasje en roze laarsjes. Het staat haar allemaal zeer goed. Ze is zowat een supermodel, maar ik ben nu wel op stap met de Pink Panter hahaha.

Cirular Quey is de plek waar de ferrries vertrekken. Zeer romantisch daar. Kleine gezellige cafeetjes bij de vertrekpunten van de boten zijn er genoeg. En zodra het wat donker wordt is het daar zeer sfeervol. Links zijn de duizenden lichten van de wolkenkrabbers, rechts het geronk van de vertrekkende en aankomende boten in de haven en het klotsen van het water op de wal. En op straat spelen verscheidene muzikanten prachtige muziek met hun gitaren. Op beide plekken, in het park en bij de boten, zou ik echt uren kunnen zitten te genieten van alles wat er gebeurt.

Jackerooschool Leconfield

Howdy boys and girls!!! How ya all doing? Ik ben net terug uit the middle of nowhere, ongeveer een uurtje bij Tamworth vandaan. Daar heb ik op een farm de Jackaroocursus gedaan. Voor diegenen die niet weten wat een Jackaroo is: dat is de Australische cowboy.

Was een geweldige week! Paardrijden in een heuvelachtig gebied (wat we in Nederland bergen noemen), drinken uit blikken, schapen bijelkaar drijven en kalverengevechten houden. Super! De omgeving is daar echt zo ontzettend mooi. Een en al natuur! En 's avonds zaten we met zijn allen rondom het warme behaaglijke kampvuur onder een heldere sterrenhemel...

Iedereen kreeg zijn eigen paard. De mijne heette 3 legs. Een prachtdier, maar zo koppig als een ezel. Natuurlijk wilde hij eerst niet luisteren, maar later ging het wel iets beter. Eerlijk is eerlijk, het ligt ook aan de berijder. Deze moet wel duidelijke signalen afgeven, anders raakt het dier in de war. Daarin kregen we dus ook les. Maar we leerden niet de traditionele manier (straf en beloning), maar een ander: natural horsementship.

Dat is het dier een signaal geven en dan laten nadenken. Luistert het dier niet, dan geven we in fasen een steeds sterker signaal, in het ergste geval dus een klap. We hebben ook schapen bijelkaar gedreven en dat was dikke lol. Daarna mochten we een schaap scheren en werd er een gecastreerd. Dat laatste is echt zo goor. Men snijdt het open en dan bijten ze met de mond de ballen er af... Bah!

Donderdags dreven we de koeien bijeen en hielden we daarna kalverengevechten. Geweldig! Samen met een Ier, Owen, moesten we een kalf pakken en op de grond krijgen. We werden beide door het hele veld gesleurd, hangend aan zijn staart. Tjonge, wat kan dat beest rennen! Maar we hebben hem gekregen! Charlie bereed ik een dag later. We gingen Trotlle en cantering ofzoiets doen. Dat betekent iets sneller dan looppas, maar nog net niet gallop. En Charlie houdt van rennen. In plaats dat ik er met hem vandoor ging, ging hij er bijna met mij vandoor. Bijna!!! Ondanks dat ik niet op tijd de juiste houding had aangenomen, kon ik hem na een paar meter wel in bedwang houden en hem te dwingen terug te lopen. Na enkele minuten en een paar valse starts rende hij pas zodra ik het sein gaf. Yihaa!!!!!!

Helaas gebeuren er ook minder leuke dingen in het leven. Donderdag was niet zo'n leuke dag, ondanks dat bovenstaande super was. 3 Legs kreeg koliek en ik kon hem dus niet berijden. 's Avonds was hij nog steeds in slechte toestand. Zijn hele lichaam was doordrenkt van koude klamme zweet en had hij nog steeds heel veel pijn. Er was niets meer dat we voor hem konden doen, behalve een ding... Rond kwart voor negen hebben ze hem uit zijn lijden verlost. Moge 3 legs rusten in vrede...

Waterfall Way

Na een weekje cowboytje spelen ga ik even lekker niksen. Ik blijf een paar dagen in Bellingen, een dorpje van niks maar op zich wel aardig. De weg daar naar toe heet Waterfall way en heeft echt fantastische uitzichten op het regenwoud! Overal zie je grote bossen (en diepe afgronden....)! Het hostel in Bellingen is super. Voor het eerst kan ik mijn tentje opzetten en lekker kamperen. Niks geen lawaai van in- en uitlopende gasten en deuren die dichtklappen. Heerlijk!! In dit hostel verblijven veel mensen uit Sydney en weinig backpackers uit andere landen. Het is meer een familiehostel en dat blijkt ook wel uit de inrichting van de grote kamer met keuken: heel huiselijk. Het is eigenlijk gewoon een grote woonkamer.

En het mooiste is dat ze een piano hebben. Ik weet niet wat het is, maar ik kan er niet van afblijven. Ik moet en zal piano spelen. Het enige wat ik ken, is van mijn saxofoonlessen. Bijvoorbeeld 'Hey Jude'. Alleen speel ik dit wel toon voor toon. Iets wat je kan doen op een piano, maar niet waarvoor dit instrument bedoeld is.

Het duurt even voor ik de juiste tonen heb, maar het lukt langzaam. Ook herrinner ik me een andere melodie: chopsticks. Ik weet niet precies hoe dat ging, maar ik blijf oefenen, al worden de andere gasten wel een beetje ... Toch vinden ze het wel leuk. Een aantal van hen geeft me zelfs een paar kleine lessen en speelt samen met me op de piano. Nu kan ik ook Chopsticks spelen. Joepie!!!

Via het hostel doe ik een tour naar Dorrigo National Park. Een groot regenwoud met een paar watervallen er in. Al is de stroom water kleiner dan verwacht. Toch blijft het een mooi woud met reusachtige bomen. De stammen hebben grote inhammen en lijken net vogelpoten. Gelukkig zien we geen slangen of ander (on)gedierte, behalve een paar vogels.

Byron Bay 1

Ik heb vakantie, het wordt warmer, dus tijd dat ik richting de kust ga en het strand op zoek. Met andere woorden. Ik ben nu in Byron Bay. Het feestparadijs (afgezien van Surfers Paradise op de Gold Coast) voor de Aussies, en voor mij!

Welkom in Byron Bay!!!

Tja, alleen valt de eerste dag, vorige week vrijdag, een beetje in het water. Het regent… Aan de andere kant maakt dat ook niks uit, want ik heb een journalistieke opdracht voor een Nederlands magazine. Ik moet een interview doen met een Nederlander die naar Australië is geëmigreerd en de daaropvolgende dagen zit ik dus in het internetcafé achter een computertje te tikken. Maar zo nu en dan natuurlijk wel even het strand op waar ik lekker lig te zonnen, een beetje watertrappel en het artikel een beetje verander. Wie wil er nou niet zo'n kantoor! En 's nachts natuurlijk stappen! Afgelopen dinsdag (4 oktober) heb ik surflessen genomen. Zeer cool! Helaas geen huizenhoge golven meteen, maar wat leuke beginners golven. Al waren die trouwens moeilijk genoeg. Na wat droogoefenen op het strand gaan we het water in.

Die surplanken zijn trouwens zwaarder dan ik verwachtte, net als het peddelen in het water. De instructeur is een echte lullhannes. Zeer komisch, dat wel, maar hij moet wat meer doen en minder kleppen, vind ik. Maar dan is het eindelijk zover. Mijn eerste poging. Ik lig klaar op de plank. De instructeur geeft me een zetje. Rechterknie naar voren, linkervoet naar voren, lichaam omhoog....staan en ....PLONS!!! Tja, dat hadden we allemaal kunnen verwachten. Het is net zoals met lopen: vallen en opstaan. Uiteindelijk lukt het me toch en heb ik een tiental meters gesurft. Surfs up!

Byron Bay 2

Ik had me voorgenomen om maar een paar dagen hier te blijven en dan verder te trekken. Maar na die paar dagen achter de computer wilde ik nog een paar echte strandvakantiedagen. En toen kreeg ik een baantje... En niet zomaar een baantje. Het is een zeer gewichtige baan voor het reisbureau 'Travel bugs' Het volgende moet ik doen: men neme een stapeltje flyers, loopt de straat op en deelt deze uit aan backpackers al roepende 'Free internet'! Beetje saai, maar ook wel leuk, want ik kan met alle leuke meiden kletsen op straat en het is makkelijk verdient.

Ook ben ik verhuisd van het YHA J'S hostel naar de Bunkhouse. Niet omdat het daar veel beter is, maar omdat ik ook daar een baantje heb. Yep, ik heb twee baantjes. Een voor wat geld en in het hostel tegen accomodatie. 's Ochtends vroeg om zeven uur mag ik de veranda (of iets anders) schoonmaken. Niet het meest leuke, maar ook niet het meest smerige werk. Al ben ik hier al wel de vriendelijke buurtkakkerlak tegengekomen. Het grappige is dat de manager van Travel Bugs, Mark, ook in het hostel slaapt. Hij is nu ook mijn kamergenoot. Geweldige gozer! Ik heb me op een ochtend slap gelachen toen hij wakker werd. Hij had een kater en liep in de kamer rond als een zombie. Je had zijn gezicht moeten zien...

Via het hostel kunnen we bodyboards gebruiken en we hadden deze week supergolven: Anderhalf tot twee meter hoog. Gaaf!! Eerst door de golven heen de oceaan inzwemmen, wat op zich makkelijker lijkt dan het is. En dan startklaar staan. De golf komt er aan, armen op het bodyboard, springen en peddelen met een hand, splash!!! Het bodyboard schiet onder me vandaan... Toch nog maar een keer proberen: Armen op het bodyboard en met armen en benen vaart maken en ik kom twee meter verder.... Ik doe iets verkeerd, maar wat?

Derde poging: Armen op het bodyboard en met armen en benen nog meer vaart maken. Ik trap alsof mijn leven er vanaf hangt en dan... whammmmm!!!!! Ik scheer met een rotgang over het water heen en beland op het strand binnen 20 seconden. En dat terwijl ik toch een afstand aflegde van zo'n 50 tot 100 meter. Kicken!!! Moet je echt een keer proberen!!! En daarna weer lekker heerlijk in het zonnetje liggen bakken op het strand met een temperatuurtje van tussen de 25 en 30 graden... Voorlopig blijf ik hier nog. Eind deze maand of begin november ga ik waarschijnlijk verder naar Muwillimbah en Surfers Paradise.

Byron Bay 3

Byron Bay! Een prachtig dorp, maar toch ga ik het nu verlaten. Het schoonmaken voor accomodatie en flyers uitdelen voor Travel Bugs (betaald rondlummelen op straat) is leuk geweest. Zelfs het gratis ontbijt in het hostel (zoveel pannenkoeken vreten als we maar willen) houdt mij hier niet meer. Tijd om op andere stranden te zonnen en een machtig mooi bruin kleurtje krijgen bij een temperatuurtje van om en nabij de dertig graden.

's Avonds even de kroeg in om te 'netwerken' en dan vervolgens doorgaan in de disco, zoals ik hier deed in Cheekey Monekeys. Lekker dansen op muziek uit de jaren zeventig en tachtig en de laatste hits. 'Feesten met een B' en iedereen helemaal teut!!!! Ze doen tussendoor ook spelletjes, zoals een bal door een gat in de muur gooien. Wie raak gooit, wint bijvoorbeeld surflessen of een kan bier. Drie keer raden wat ik gewonnen heb. Binnen een half uur had ik aardig wat vocht voor mijn neus staan en het was hmm...mm..mmm...heerlijk! Ook won ik een toerrit met Jim's alternative tours naar Nimbin. Het enige dorp waar het gedoogd wordt om in het openbaar drugs te verkopen en te gebruiken, een openbare coffeeshop dus. Nimbin zelf was 'wel aardig', maar ja, ik gebruik dan ook geen drugs. De tour was een stuk leuker met lollige en passende muziek voor onderweg.

Zo zie je bovendien nog eens wat van het land, want we bezochten ook een regenwoud. En we deden een weirdo aan die in the middle of nowhere woont. Deze 'hippie' heeft een behoorlijke tik van de molenwiek gehad, want daar ligt enorm veel rotzooi wat hij kunst noemt. Bijvoorbeeld een verroeste auto met een embleem op de motorkap, zoals we ook wel van mercedes kennen. Alleen is het bij hem een naakte barbiepop of een schedel van een dier en noemt hij dit kunst. Tsja, smaken verschillen...

Byron Bay verlaten betekent ook weer afscheid nemen, zoals bijvoorbeeld van mijn kamergenoot en baas Mark B. De mafste Ozdude die ik tot nu toe heb leren kennen, maar een geweldige kerel waar je veel lol mee kan hebben. Ook betekent het afscheid nemen van Hannah, een harde tante waar je geen gedonder mee wilt krijgen. Maar geloof me, ze is heel schattig als ze de 'baas' speelt en/of chagrijnig is.

Mount Warning Murwillimbah

Eindelijk weg uit Byron Bay. Het was gezellig, maar het is mooi geweest. Tijd voor wat anders. Van een feestplaats ga ik naar een dorpje, eigenlijk een gat, waar niks te doen is: Murwillimbah. Maar het hostel heeft een geweldig uitzicht op de Tweeds River. Helaas regent het pijpenstelen, dus bergbeklimmen (ja, je leest het goed, ik doe iets actiefs) wordt even niks.

Gelukkig wel een dag later. De lucht is mooi helder, dus tijd voor een wandeling in het regenwoud om vervolgens Mount Warning te beklimmen. Ik ga samen met Rob en (ben haar naam kwijt). Ze geven me later op de dag een lift naar Surfers Paradise. Hij komt uit Engeland en zij uit Birma en werkte een tijd in Engeland. Een echte rouwdouwer met Britse humor. En dit is echt een regenwoud. Superdikke bomen, bamboe, je hebt hier van alles. Onderweg zien we een walibi en verscheidene vogels.

Als je hier rondloopt zonder iets te zeggen, dan hoor je een en al leven in dit bos. Prachtig om te horen en zonde om te beschrijven, wat ik dus ook niet doe. Het eerste gedeelte is nog echt een wandeling, maar halverwege begint het al een echte klim te worden en de laatste 250 meter gaan stijl omhoog. Zonder een ketting om aan vast te houden is het haast niet mogelijk. En natuurlijk begint het te regenen op het moment dat we de top bereiken.

Regen en wolken bedekken de top van de berg, dus helaas geen prachtig uitzicht. Als we weer aan de voet van de berg zijn, zijn we dan ook doorweekt. Maar toch een geweldige ervaring, zo'n berg beklimmen.En het regenwoud heeft in de regen een geweldige sfeer...

Surfers Paradise

Ja leuk, Surfers Paradise daar moet je heen gaan. Naar de Gold Coast. En Australië is toch zo fantastisch. Alleen maar zon met een heerlijk temperatuurtje! Lekker bruinbakken joh! Nou niet dus!!! Op het moment dat ik hier kom is het zeer zwaar noodweer. Bliksemschichten slaan her en der in. En wie buiten loopt is binnen een seconde doorweekt. En als toppunt lachte mijn zusje me vierkant in het gezicht uit toen ik dit haar vertelde via de chat...., want Nederland regenland had het zonnetje op dat moment en ik zat in zonnig Australië met noodweer. BAH!!

Maar na regen komt zonneschijn. Ook hier gelukkig, dus tijd voor wat leuks. Sea World!!! Ik vind het een geweldig park. De dolfijnenshow is echt super. Ik wilde dat ik weer een klein jongetje was. Dan mocht ik ook die dolfijn aanraken... Nu heeft iemand anders die eer. Tip: mag je ook een dolfijn aaien, spetter dan geen water op hem. De dolfijn spettert terug. Maar het blijft schattig om te zien. En ik weet nu een ding zeker: ik wil een dolfijn!!! Maar dat zal toekomstmuziek blijven, voorlopig...

Ze hebben hier ook een ijsberen- en haaienbaai. Deze kan je ook onder water bekijken, dus dat geeft je weer eens een andere kant op het maritieme leven: De onderkant... Hee lelijkerd...even lachen! Behalve haaien zwemmen hier ook supermooie vissen rond en je kan zelfs koraal betasten. Voelt anders dan ik had gedacht, of dacht ik aan wat anders???

In ieder geval was het een superleuke dag. Vanavond lekker stappen en feesten met het hele hostel. Dinsdag hadden we een seventies-feestje, dus iedereen was verkleed. Vanavond wordt weer gezellig. Surfers Paradise is leuk voor even, maar je wilt hier niet te lang blijven, want het is hier een en al toerisme en alleen maar flats. Het heeft geen enkele uitstraling of sfeer. Perfect voor diegene die zich wil bezatten, maar als het vanwege het strand is. Daar hebben ze er hier meer van.... En die ga ik over twee dagen dan ook opzoeken.

Brisbane

De tweede grote stad op mijn reis en de derde grootste stad in de wereld. Tenminste, dat laatste is mij verteld. In ieder geval is het een van de vele steden en deze is niet veel anders dan andere: grote kantoorgebouwen, druk verkeer, stressvolle mensen die snel heen en weer lopen, een groot winkelcentrum en veel lawaai.

Toch heeft deze stad een ding wat andere steden niet hebben: South Bank, een kunstmatig strand met palmbomen en zwemvijvers aan de rivier. Daaromheen is een groot park met fiets- en wandelpaden, wijde grasvelden en riviertjes. Het werd gebouwd in 1988 voor de wereld Expo en is nog steeds een tropisch paradijs in het hart van de stad met een zeer relaxte atmosfeer. Wat wil je nog meer....? Zaterdagavond is natuurlijk stapavond. Mijn hostel staat in The Valley, het uitgaansgebied van Brisbane, dus ik zit precies goed.

Naast het hostel zit een bar waar in het weekend ook locals komen. De muziek is goed en iedereen die in het hostel verblijft, kan de bar in- en uitlopen op elk moment van de nacht terwijl alle anderen buiten netjes in de rij moeten wachten voor de hoofdingang. Natuurlijk kon ik het niet laten. Ik moest het gewoon doen. Samen met een Amerikaanse backpacker verlieten we de bar via de achteringang en liepen we naar de voorkant van het gebouw. En daar stond me toch een lange rij. Wel 25 meter. Deze bar is erg populair. Je staat wel minstens een half uur te wachten als je er in wilt.

Alleen wij natuurlijk niet. Wij zijn V.I.P. hahaha! Terwijl iedereen daar stond te wachten, liepen wij zo naar voren en met een big smile richting de menigte betraden we de bar weer in minder dan vijf minuten hahahaha! Je had er bij moeten zijn. Sommige mensen keken echt zuur. En dat is nou humor! It's fucking funny! Voordeeltje hiervan is dat je sommige mensen ook zomaar naar binnen kunt loodsen...

Noosa

Noosa, het land van de rijken waar huizen van 5 miljoen Australische dollar staan in een wonderschoon natuurrijkgebied, omgeven door de vele wateren van de Noosa rivier. Een prachtig zeldzaam, rustgevend en bosrijk landschap met in het dorp een gezellig straatje vol barretjes en restaurantjes met terrasjes.

Op de hoek liggen prachtige stranden en het nationaal park, een immens groot natuurgebied waar dieren naar hartelust kunnen 'beesten'. Voor de gelukkigen onder ons valt zo nu en dan een dier in het wild te bewonderen. Meestal vogels en hagedissen, soms een koala en altijd die vermaledijde kalkoen weer waarover je je poten wel kan breken. De 'pechvogels' zullen ze alleen horen. En dat is zeker, want dit park leeft! Maar waar je ook bent. Overal heerst een heerlijke ontspannnen sfeer. Geen haast... Het gebeurt op het moment dat het zover is.

Mijn hostel heeft ook dit heerlijke Noosa-sfeertje. Even geen feesten en 'beesten', maar lekker genieten van de atmossfeer. De verschillende gebouwen zorgen voor een klein gezellig binnenplaatsje met picknicktafels waar iedereen kookt, eet en elkaar dus ontmoet. Voeg daar een paar flesjes wijn, wat biertjes en twee Noren die gitaar spelen, aan toe en een gezellige avond vol 'vals' gezang is gegarandeerd.

Vlakbij Noosa (Australische standaard) ligt Australia Zoo, home of the Crocodile Hunter (Dus niet Dundee!). Een prachtig interactief dierenpark met geweldige dierenshows en fantastische dieren waar sommige Schotse meisjes van schrikken: "Oh my god! Look at the size of that...." Interactief, want je mag hier de dieren aaien en knuffelen, al is dat af te raden bij de krokodillen. De slangen voelen wel vreemd aan, als je ze aait, maar de koala's en Skippies zijn daarentegen heerlijk zacht...

Enig nadeel is dat je die Steve Irwin (The Hunter) zo'n groot ego heeft dat je zijn kop nog vaker in het park tegenkomt dan het aantal dieren die het park huist. Er zijn zelfs poppen van hem en zijn familie!? Tja...het blijft toch een bezoekje waard, want deze dieren zijn absoluut bijzonder.

Fraser Island

Ik heb nu wel genoeg gelummeld op het strand. Tijd voor wat actie! Safari op Fraser Island in een 4-wheel drive land cruiser! Samen met een Zwitser, een Nederlandse, een Duitse, een Engelse en twee grappige Fransozen rijd ik naar de Ferry. Don't worry about the Dingo's, worry about me driving hahahaha! VROEM!!!!! Het is eerst wel even wennen. Stuur aan de rechterkant en rijden aan de linkerkant. Goed uitkijken dus. En dan mijn eerste hindernis: een rotonde. Eventjes weet ik niet meer welke kant ik om moet. Sterker nog, ik weet niet eens meer welke kant we in Nederland om de rotonde rijden. Ach, fuck it! Ik heb een 4wd onder mijn kont, dus plankgas er over heen! No worries! Nou ja, laten we toch maar links om gaan…

Een paar kilometers verder zijn we bij de ferry. 'Eventjes' op de boot parkeren en een kwartiertje later zijn we op Fraser Island. Dan begint het ruige werk pas. De 4wd is geactiveerd en via een zeer beroerde binnenweg met heel wat gestuiter belandden we op het strand. En het is daar echt prachtig. Aan de linkerkant duinen, voor ons het strand en rechts een blauwe ocean met glanzende golven. Ik rijd nog even op het strand en dan is iemand anders aan de beurt. Onderweg zien we de Pinacles, het scheepswrak Maheno, onze eerste Dingo en Indian Head. 's Avonds kamperen we op het strand en met een gezellig kampvuur en wat spelletjes sluiten we de dag af. De tweede dag bezoeken we Eli Creek, nemen we een binnenweg door de Happy Valley en zwemmen we bij Lake Wabby.

De binnenweg is geweldig. We slingeren en stuiteren continu, maar dat is dikke pret. Lake Wabby is echt prachtig. De ene kant van het meer is omgeven door riet en bos en aan de andere kant is een lang strand met een metershoge zandheuvel. Daarachter ligt een kleine woestijn. Natuurlijk moeten sommigen even naar beneden rollen en plons zo het water in haha. Pas trouwens wel op met wat je achterlaat in de auto. Er worden helaas dingen uit de auto gestolen! De derde dag rijden we naar Lake McKenzie. Ik heb nog nooit zo'n helder blauw meer gezien! Het doet haast zeer aan je ogen, zo fel. Echt fantastisch en ongelooflijk schoon. Echt super.

Via een lange binnenweg, 'The scenic route', rijden we terug langs nog een paar prachtige meren. En natuurlijk komt er een auto van de andere kant als ik achter het stuur zit. Eventjes achteruit en opzij en we kunnen weer verder. En met flink gestuiter belanden we weer op de ferry terug naar Rainbow Beach. We komen nog een laatste Dingo tegen en dan is het einde safari! Tijd voor een douche.

Bundaberg

3.30 am: beep…beep. Beep… beep. Tijd om op te staan. Vijfenveertig minuten later zit ik met een groep backpackers in een bus onderweg naar een boerderij in de omgeving van Bundaberg. Waar precies weet niemand. Hoeveel we verdienen is onduidelijk. Wat we precies gaan doen is afwachten. De enige zekerheid die we hebben is dat we gaan werken. Hard werken! Aangekomen op de boerderij wachten de rode emmers al op ons om gevuld te worden. Ieder krijgt zijn eigen rij. 'We willen de rode, de roodbruine en de groene capsicums (Spaanse pepers)', vertelt de boer. 'Aan de slag.'

Het is 5.00 am. Meteen duiken verscheidene handen in de groene bosjes op zoek naar de rijpe vruchten, de emmer achter zich aan slepend. De eerste uren zijn redelijk goed te doen, al denkt mijn rug daar anders over. Steeds maar weer voorover buigen is niet de beste houding. Na enkele uren maakt dat trouwens niet meer uit. Dan is elke houding pijnlijk. Langzaam wordt meter voor meter geplukt. Een volle zware emmer wordt onmiddelijk geleegd in een van de grote bakken op de aanhanger om vervolgens meteen opnieuw gevuld te worden. Keer op keer…enkele uren achter elkaar. En elke minuut, elke stap, elke geplukte vrucht verder… wordt het zwaarder. Het wordt warmer.

De zon is op en brand in je gezicht. De lucht wordt droger. Het zweet loopt in straaltjes van je hoofd. Vliegen zoemen om je heen. Water…veel water drinken. Dat is het enige wat je kan doen. En hopen op wat bewolking en een zuchtje wind. Weer een stap verder, weer een geplukte vrucht en weer een volle emmer…die je even later opnieuw kan vullen. Wie eerder weg wil mag stoppen, maar hoeft op deze boerdeij dan ook niet meer terug te komen. De boer bepaalt wanneer en hoelang je werkt. En wie stopt kan wachten op het hostelbusje.

Terug lopen heeft geen zin, want je begeeft je 'ergens' op kilometers afstand van de bewoonde wereld, praktisch overgeleverd aan de boer... Ik heb veel respect gekregen voor de mensen die dit dagen, weken of zelfs maanden lang doen, want werken in deze hitte is niet makkelijk.

De eerste week is het ergst en is even doorbijten, maar dan nog blijft het werk daarna nog zwaar. Zelfs al zijn de boeren vriendelijk tegen je. Dit noem ik uitdrukkelijk, want er zijn ook minder aardige boeren. Boeren die alles zo snel mogelijk willen doen. Boeren die pushen en tegen je schelden of een rotte vrucht in je gezicht dreigen te gooien.. Boeren die loon inhouden, omdat je volgens hen te langzaam werkt. Ze willen de oogst zo snel mogelijk binnen halen. Maakt niet uit hoe. Voornamelijk letterlijk over de rug van de backpacker. En ben je niet tevreden? Prima. Voor jou tien andere backpackers. Gelukkig zijn niet alle boeren zo, maar ze zijn er wel. En zelfs al zijn de boeren wel vriendelijk, dan nog blijft het zwaar werk. Eerst vooral lichamelijk, daarna geestelijk, want het werk wordt er niet interessanter op.

Whitsunday Islands

Airlie beach Australia! Paradijs op aarde met uitzicht op een stralend blauwe oceaan. Een oceaan waarop ik drie dagen lang heerlijk heb gezeild met de trimaran Avatar. Van tevoren had ik al het een en ander aan rampverhalen gehoord! Zo kwam iemand terecht op een boot met een familie en kleine kinderen, terwijl hij graag bikini's wilde. Iemand anders zat op een boot met dronken Engelsen en persoon nummer drie had een schip vol mensen die een half uur na vertrek al zeeziek werden...

Gelukkig heb ik dat niet hoeven meemaken. Ik zat met een gezellige internationale groep op de boot waarvan er slechts één persoon een klein beetje misselijk is geworden. Het zeilen was geweldig. Ik merkte echter wel dat ik nog niet meteen over zeebenen beschikte, want toen ik even in de kajuit wat wilde pakken, liep ik net als een dronkelap rond. Goed vasthouden mensen. De boot schommelde aardig heen en weer. Het was eerst vrij rustig, maar de dagen daarna kregen we pas echt sneldheid en begon de lol pas goed! Ahoy!!!

Op de eerste dag deden we een eiland aan met Whitehaven beach. Overbodig om te zeggen hoe wonderschoon het daar is. Kijk maar naar de foto! Echt super!! En het water was heerlijk warm daar, maar wel lekker verfrissend met deze hitte. De volgende dag verkenden we de bodems rond enkele eilanden. Al snorkelend ontdekten we hoe ongelooflijk mooi het daar is. Het koraal van het Great Barrier Reef is absoluut iets wat je moet ervaren. Echt een wereldwonder. En de vissen die er rondzwemmmen.... Prachtig! En dan schijnt het koraal bij deze eilanden nog niets voor te stellen. Het enige nadeel zijn die irritante dodelijke kwallen daar. Maar behalve dat...geweldig!!!

Maar het zeilen betekent wel hard werken hoor. 's Ochtends worden we vroeg wakker en dan schijnt de zon al volop. Vervolgens moet je dan ontbijten en helemaal naar de trampoline op een van de zijflanken van trimaran klimmen om vervolgens helemaal lekker niks te doen behalve lekker liggen rondlummelen! Oh, wat is mijn leven zwaar! Heb meelij. Hahahaha. Al moesten we wel goed oppassen dat we ons zo nu en dan omdraaiden. De zon is behoorlijk fel en halfgaar is maar niks. Tijdens het zeilen werden we gelukkig wel op een verfrissing getrakteerd. Het zeewater spatte zo hoog, dat enkelen een volle laag over zich heen kregen. Net alsof een reus een hele grote emmer water leegde. 's Avonds zaten we heerlijk na een prachtige zonsondergang lekker te dineren en gezellig wat te kletsen terwijl we op het water dobberen. Al met al fantastisch dus!

Magnetic Island

Na 25 minuten op de boot belanden we in een bus met een markant figuur. Gek, prettig gestoord, een acteur of entertainer? Who knows? Waarschijnlijk een beetje van allemaal. Captain Daniel Daniel zorgt voor een lach met zijn vlotte verhalen en stoomfluit en brengt ons in zijn boot/bus snel naar base backpackers.

Heet is hier zacht uitgedrukt. Ik ben nog geen vijf minuten bezig met het opzetten van mijn tentje en het zweet stroomt al net zo hard uit mijn lichaam als het water in de Niagara Falls. Maar het resultaat mag er zijn. Ik kijk uit op Nelly Bay en een prachtige oceaan. Helaas word ik daarvoor wel elke ochtend uit mijn tent gebrand. Nou ben ik dat van mijn vakanties in Frankrijk wel gewend, maar vijf uur 's ochtends vind ik toch wel erg vroeg.

Tja, wat heb ik hier nou gedaan, vraag je je waarschijnlijk af. Nou daar kan ik heel kort en duidelijk in zijn. NIETS, HELEMAAL NIETS!!!! Nou ja, bijna helemaal niets. Ik heb dagenlang lekker lui in de zon gelegen, in het zwembad gedobberd en 's avonds in de bar wat gefeest. Op een van de eerste avonden hadden we een supergezellige groep bij elkaar. Er was een Ozzie die de hele avond champagne en bier kocht voor de hele groep. Resultaat: allemaal teut hahaha, maar een prima avond.

Nou goed dan. Ben nog wel een beetje actief geweest hoor. Ik heb in goed gezelschap enkele wandelingen gemaakt naar een paar mooie plekken op het eiland, waaronder een fort. Verder nog wat walibies gefotografeerd en op de zee gekayackt.'Ben ik nog iets vergeten te vertellen?', vroeg iemand me laatst. Misschien. 'Zijn er ook dingen die je meemaakt en die je niet op de website zet?' Ja natuurlijk, maar dat ga ik jullie niet aan je neus hangen. Het enige dat jullie hoeven te weten is dat ik hier lol heb en me hier opperbest vermaak (in het zonnetje met een heerlijk warmtemperatuurtje. En dat midden in de winter hahahahaha).

Cairns

Eindelijk heb ik het toppunt van mijn reis bereikt (geografisch gezien). Hoger dan Cairns ga ik niet. Ik wilde wel naar Cape Tribulation gaan, maar een fikse oorinfectie hield dat tegen. Gelukkig heb ik wel een leuke kerst gehad.

En natuurlijk vragen jullie je af wat ik dan heb gedaan. Op Christmas Eve, de avond voor kerst, ben ik lekker wezen stappen met een aantal andere backpackers en heb ik mijn oogjes heerlijk verwend. En met backpackers die ik in de bar heb ontmoet ben ik op eerste kerstdag gaan zwemmen in de lagoon. Jawel, ik lag heerlijk in het water te dobberen met een relaxed temperatuurtje. 's Avonds zijn we gezellig met zijn allen uit eten gegaan en daarna weer wezen stappen.

Op tweede kerstdag heb ik iets heel anders gedaan. Namelijk de dokter bezoeken, al mijn kleren wassen en naar een andere kamer verhuizen. Het bleek dat ik niet de enige was die in mijn bed sliep. Nou heb ik daar niet zo'n probleem mee als ze lang blond en blauwe ogen heeft, maar als het kleiner dan een centimeter is, twee vleugeltjes en meer als twee poten heeft, dan heb ik daar wel moeite mee. Bedbugs. Iets wat je niet mee wilt maken, want dat ongedierte bijt je helemaal kapot. De daaropvolgende dagen heb ik grotendeels plat gelegen. Mijn oor voelde als een ontploffend blok beton en de antibiotica maakt je nou ook niet bepaald actief.

Maar natuurlijk ben ik wel met de jaarwisseling gaan feesten. No matter what! Iedereen liep weer zijn stamkroeg plat en stond onder het genot van een drankje weer lekker te ouwehoeren. Ik heb echter geen enkele oliebol gezien. En dat is niet het enige verschil wat me is opgevallen.

Zo hebben ze hier om negen en twaalf uur vuurwerk. Om negen uur is het zogeheten 'familievuurwerk'. Dat doen ze voor de kleintjes, zodat die niks hoeven te missen. En in Nederland klinken her en der ongeveer twee uur lang knallen vanaf twaalven. Hier steekt de gemeente het vuurwerk af. En dat maar liefts tien minuten lang!!? Goed voor het milieu, zal ik maar denken. Maar het versterkt wel het saamhorigheidsgevoel, want zowat iedereen komt er naar kijken en het ziet er dan ook zwart van de mensen.

Na Australie vertrok Henk-Jan tijdelijk naar Nieuw-Zeeland om daar rond te reizen. Vervolgens kwam hij terug om zijn reis door Australie af te maken.

Na Mount Cook ben ik weer terug gegaan naar Christchurch en Wellington. Op 2 maart a.s. vlieg ik daarvandaan naar Sydney. Natuurlijk hebben ze voor mij weer een vlucht geboekt op een onmogelijke tijd. Zes uur 's ochtends! Dat betekent dus om vier uur op staan. Enne, dat is dus Nieuw Zeeland tijd. Bij jullie is het dus middag en avond. En dan kom ik drie uur later in Sydney aan waar twee uur tijdverschil is. Dus is het eigenlijk een uur later dan mijn vertrektijd. Snappen jullie het nog?????? Ikke wel.

Sydney - Blue Mountains

Oh, wat ben ik blij dat ik weg ben uit Sydney. Ik weet niet of het de jetlag is, maar het was me daar toch superdruk. Overal auto's, bussen, uitlaatgassen en mensen. Heel veel mensen die als kleine mieren kriskras door elkaar lopen.

Gelukkig is de Blue Mountains het tegenovergestelde. In Katoomba, een plaats twee uur ten noordoosten van Sydney is het heerlijk rustig. Lekker lui in het zonnetje liggen en een wandeling door het nationale park is dan ook het enige wat ik doe. En de uitzichten zijn weer geweldig. Kilometers ver tot aan de horizon een immens bos.

Het schijnt net zo groot als België te zijn. En overal hangt een blauwe waas. Dat komt door de eucalyptusbomen, zo vertelde iemand mij. En daarom heet het dus ook blauwe bergen.

Helaas moet ik na een paar dagen weer de drukke stad in, maar gelukkig zijn er een paar plekjes waar het relaxed druk is. Zoals Bondi beach bijvoorbeeld. Lekker net zoals in die goeie ouwe tijd (toen ik net begon in september) heerlijk op het strand in een warm zonnetje op het strand liggen in 'goed gezelschap'. En in het water lekker boogieboarden. En dat kan je hier goed doen. De golven zijn super, maar wel erg sterk. Ze duwen me al gauw zo'n zestig meter verder met een rotgang waar je 'U' tegen zegt. Maar wel gaaf! Ook al moet ik een sneeuwballetje hier en daar missen.

Melbourne - St. Kilda

Na een lange vermoeiende busreis kom ik twaalf uur later zeer vroeg in de ochtend aan in Melbourne. Een busje van een hostel brengt me naar St. Kilda, een voorstadje van Melbourne. Onderweg vertelt de man van alles over de omgeving en voor ik het weet rijdt ik over het formule 1 circuit, dat een paar dagen eerder werd gehouden. Gaaf! Helaas winnen we geen prijs.

Melbourne is een zeer relaxte stad. Druk, zoals gebruikelijk in een stad, maar niet superdruk. En hier is er tenminste nog ruimte in de straten en flink wat groen. Het sfeertje is hier erg gezellig met al die barretjes en de mensen lopen tenminste niet zo gehaast.

Ik val met mijn neus in de boter, want de volgende dag start het Moomba festival. Er zijn allerlei sport activiteiten, live muziek en er is kermis. Op de Yarra rivier worden waterski wedstrijden gehouden. Ze zeiden dat het hier koud was, maar het is hier superwarm.

St. Kilda ligt lekker aan het strand. Het stond bekend als een drugs scène met hoeren. Het eerste zal er ongetwijfeld nog wel wat zijn, het tweede is er zeker. Het dorpje heeft een lunapark en een pier. Een heerlijke plek om even uit te waaien. Bij sommigen is het ook wel bekend van het programma 'My restaurant rules'. Dat wordt namelijk een straat bij mij vandaan opgenomen. Ik ben er een paar keer voor langs gelopen. Dus wie weet.... Zie je een mannetje met een fel geel of groen shirt voorbij lopen, dan weet je wie het is.

Na anderhalve week in een hostel heb ik een appartementje gevonden, want als ik werk, dan heb ik geen zin om in een hostel te zitten. En dat was me eerste een smerige bende. Het leek wel een slagveld, maar samen met de anderen die ook nieuw waren hebben we alles opgeruimd en is alles nu lekker gezellig. Ik zit er samen met een Brit, een Nederlander, een Zweedse en twee Belgen. Helaas ga ik er toch weer uit. Een goede baan vinden is lastig en ik heb eigenlijk nog geen zin om te werken. Dus ik ga nog even lekker verder reizen en genieten.

Great Ocean Road

De route die iedereen volgt van Melbourne naar Adelaide en andersom is de Great Ocean Road. Een lange kronkelige slingerweg langs de zuidkust van Australië. Onze tourguide is Scott, een geweldige gast vol humor.

Onze eerste dag is kort. We bezoeken Bells Beach, het strand waar de Australische surfwedstrijden worden gehouden (leuk strand, het heeft zand en een oceaan) en wat kleine dorpjes. En dan hebben we pech. Een lekke band. Gevolg is dat we een paar uur vertraging hebben in een klein dorpje en de rest van de weg afleggen in het donker. 'Jongens, als jullie iets noemenswaardig zien om te fotograferen, laat het me weten en ik stop'! Aldus onze vriendelijke gids. Gejuich alom!!! Ach, dit is ook een manier om elkaar te leren kennen. Samen stranden in een dorp waar echt helemaal geen flikker te doen is.

Na onze overnachting in Apollo Bay doen we de volgende ochtend ergens een bush walk. Daarna bezoeken we de twaalf apostels waar we weer een paar heerlijke ansichtkaartfotootjes maken en vervolgens bekijken we een scheepswrak. Daar ergens in de verte waar je dat puntje ziet. Dat is het wrak!!!! Joepie...

Een ander hoogtepunt is de Tower Hill Walk. 'Jongens, het is maar twintig minuten lopen en je ziet heel veel koala's', vertelt onze gids. Het blijkt uiteindelijk een uur te lopen zijn en we zien maar een koala. Iets wat we onze gids laten merken bij onze volgende wandelingen. 'Het is maar twintig minuten lopen!'

Onze groep is echt geweldig. We hebben wat Canadezen, Britten, Duitsers, een maffe Nederlander en nog wat andere ongeregelde figuren. Het resultaat is dat we 's avonds lekker genieten met een paar biertjes en wijn en flink wat grappen en sterke verhalen die ik hier om veiligheidsredenen niet ga herhalen (Om heel eerlijk te zijn: ik weet er niks meer van. Maar het bier was lekker!).

De derde dag bezoeken we een zeehondenkolonie, een blauw meer en een gat in de grond waar ze wat geraniums hebben geplant. 'YEEH Scott, bedankt dat je dit ons laat zien! Geweldig!' Maar het hoogtepunt is toch wel de wijnproeverij. Iets wat niet op het programma stond en onze gids speciaal voor ons heeft geregeld omdat we zulke lieverdjes zijn. En dat was super. Die Rymill weet wel hoe hij wijn moet maken hoor. Mmmmmm..... Bedankt Scott!!!! We eindigen de dag met een mooie zondsondergang.

De laatste dag zit vol met hoogtepunten. We bezoeken Larry de kreeft, een plastic kreeft die twintig meter hoog is. (De mensen daar verveelden zich echt te pletter.) En we zijn naar zandduinen gegaan waar we hebben gesurft op het zand. Ohja, we hebben ook nog twee grote rotsen gezien die, als je echt ongelooflijk veel fantasie gebruikt, op walvissen lijken. En we hebben nog een aboriginal bezocht die ons vertelde over de medicinale werking van planten. En als laatste zagen we een roze meer. Een zoutmeer.

Al met al een geweldige tour waarbij we veel hebben gezopen en gelachen!

Adelaide

Tja, en dan ben ik in eens in Adelaide. Het is een stad. Gewoon een andere stad. Het heeft een Botanical Garden, een Mac Donalds en wolkenkrabbers, net zoals de andere steden. Meer valt er niets over te zeggen.

Alice Springs

'Toe maar, doe maar luxe. Even het vliegtuig nemen naar Alice Springs en dan naar Perth. Hebben we de loterij gewonnen?' Dat was mijn vaders eerste reactie toen ik hem op de hoogte bracht van mijn plannen. Het klinkt luxe, maar hier is het heel gewoon, want de afstanden bedragen enkele duizenden kilometers. Met de auto doe je er dan ook al gauw enkele dagen over. En geloof het of niet, behalve het snelste vervoermiddel is vliegen ook vaak het goedkoopste.

Vanuit de lucht ziet de outback er bruin en grauw uit. Een grote hete kokende vlakte zonder enig zichtbaar leven. Onderweg dacht ik: 'wat heb ik nou in mijn hoofd gehaald. Waar ga ik naar toe? Is er iets waar ik naar toe ga?' Gelukkig valt het allemaal mee. Alice Springs is een redelijke middelgrote stad met alle voorzieningen die een andere stad ook heeft. Je komt dus niet letterlijk in 'the middle of nowhere' terecht.

Het is er heet. Gemiddeld zo'n 35 tot 38 graden. En dat is als het koeler wordt. Het wordt hier nu winter, dus kouder. In de zomer heb je hier wel temperaturen tot 60 graden. Iets wat ik niet hoop mee te maken. Opvallend aan Alice Springs is dat je hier overal aborigines ziet rondlopen/ -hangen. Hier zie je pas echt hoe ze leven. Aan de oostkust en zuidkust kom je misschien een enkeling tegen, maar dan moet je wel veel mazzel hebben.

Hier zijn ze overal. Een deel bedeld voor een slaapplek, voedsel en alcohol. Het is een vreemd gezicht. Beide groepen, blanken en aborigines, lijken elkaar met rust te laten. De een bemoeit zich niet met de ander. En als het wel gebeurt, dan is het vaak zo (eigenlijk alleen maar) dat de aborigne ondergeschikt is aan de blanke. Enkele voorbeelden: een aborigne loopt zomaar de straat op en komt zowat onder een auto bestuurd door een blanke. Een aborigine wil slapen in een winkel en wordt de deur uitgejaagd. Twee gescheiden werelden die met elkaar samenleven in een stad. Zo'n verschil, maar het lijkt te werken. Vraag me niet hoe.

Alice Springs heeft een ding wat andere steden niet of nauwelijks hebben. Iets heel irritants: vliegen. Deze rotbeesten zijn ook overal. Voor de koningin zou het geen probleem zijn, maar ik heb er lamme armen aan overgehouden van het zwaaien. De stad is erg afgelegen, maar wel druk met mensen. Voornamelijk 2 soorten: Backpackers die op toer gaan en ambtenaren van de overheid. Deze wagens zie je overal en als dat niet zo was, dan was er eigenlijk niets hier, maar ja buiten Alice Springs is dan ook niets anders dan land en dieren die ik overigens nog niet gezien heb. Misschien veranderd dat als ik ook op toer naar Ayers Rock ga.

Kings Canyon - Ayers Rock

Vroeg in de ochtend vertrekken Granny, Baby, Big Sis, Lady, ik en de gids op reis naar Kings Canyon en Ayers Rock. Twee Britse meiden, een Duitse meid en een Amerikaanse meid. En Pete de Australiër. Samen trekken we door de grote grauwe vlakte met de naam: OUTBACK.

Het valt me op zich mee. Ik had erger verwacht. Het is niet een grote woestenij met alleen maar droge rollende struiken. Er is toch nog vrij veel groen. Geen grasvelden, maar bosjes verspreidt over het land. Ik had alles kurkdroog verwacht, een woestijn. Langs de autoweg liggen inderdaad dode kangoeroes weg te rotten. De eerste paar keer kijk ik en valt het beeld mee. Maar zodra ik de eerste half aangevreten kangoeroe zie liggen, heb ik genoeg gezien. De outback is prachtig en het is eigenlijk zonde dat er autowegen dwars door heen gaan, maar langs de weg.... wil je niet zien.

Onze eerste stop is Rainbow Valley, een prachtig kleurrijk natuurgebied. Daarna rijden we naar een plek waar een bar is en iemand een zingende dingo heeft. Blijkbaar is dit 'natuurverschijnsel' in de media over de hele wereld geweest. En wat doet het beestje? Zodra je wat op een piano ramt, klimt het diertje op de piano en begint als een bezetene te janken. Niet om aan te horen. Maar wel grappig. Ik weet trouwens niet wat erger was. Dat gehuil of het gepingel op de piano.

Onze eerste overnachting doen we zoals het hoort: in swags. Dat zijn zeg maar grote kunstoffen slaapzakken. Een prachtig iets, want de hemel is hier echt prachtig. Helemaal gevuld met sterren. Een ongelooflijk gezicht.

Onze gids verzekert ons dat we geen last hebben van vliegen en mieren als we slapen in swags. Helaas voor ons heeft hij het mis. Onze grote held blijkt halverwege de nacht zelfs een tent te hebben opgezet.. Dat doen we dus niet nog een keer.

De grote Kings Canyon wandeling doen we de volgende ochtend vroeg. Het is er daar prachtig, maar je ademt daar vliegen. Verschrikkelijk. Toch is het een prachtige wandeling met mooie rotsformaties.

Na de wandeling rijden we naar Yulara/ Ayers Rock Village. Voordat we daar aankomen, zien we de grote rotsformatie al van ver staan. Helaas. Het blijkt het een andere grote rots te zijn. Het grappige hieraan is dat deze ongeveer even zo groot is als Uluru (Ayers Rock), maar helemaal onbekend is bij de toeristen. De naam ben ik al weer vergeten. Daarna is het dan toch zover en zien we eindelijk Uluru. Aan het einde van de dag, na een lange hete rit in de auto zijn we er eindelijk. In het hart van Australië, de Outback, genieten we van een prachtige zonsondergang bij een van de grootste rotsformaties in de wereld...

En de volgende ochtend genieten we aan de andere zijde van een prachtige zonsopgang. Beklimmen kunnen we, maar doen we niet. De oorspronkelijke eigenaren, de aboriginals, vragen aan iedereen om Uluru niet te beklimmen. Voor hen is het heilige grond, dus uit respect blijven we met beide voeten op de grond. In plaats daarvan maken we een wandeling door de vallei van de winden 'Valley of the winds'. Ook hier zijn prachtige natuurgebieden en rotsformaties. En het mooiste is als iedereen stil is en je gewoon naar de omgeving luistert.

Perth

Perth is de grootste stad aan de westkust. Het is een prachtige stad, maar net zoals andere steden. Ook hier loopt een prachtige rivier die Perth in tweeën split. Niet veel bijzonders dus.

NorthBridge heeft een aantal leuke restaurants en plekken om uit te gaan. En binnen een half uur kun je op een van de vele prachtige stranden zijn. Door de week is het er verlaten, maar weekends... pfffew... zo druk. Leuk feitje is dat je op enkele stranden kan paardrijden, dus misschien doe ik dat weer. Ik had immers een geweldige tijd in Tamworth en paardrijden is top!

De mensen in het hostel zijn grappig maar vreemd. Er is deze 'stoere jongen' die alle meiden achterna zit en een verpleegster uit Nieuw Zeeland die hier voor een paar maanden woont. Zij is geweldig. Elke keer als we onze verhalen vertellen, dan einidigen we altijd in felle discussiese waarbij we allemaal steeds in lachen uitbarsten. Vooral als anderen zich er ook mee bemoeien en met de meest grappige oargumenten/opmerkingen aan komen zetten.

Perth heeft ook een leuke Botanic Garden met prachtige uitzichten op de stad en de oceaan. Geweldige plek om te ontspannen en een boek te lezen of te luisteren naar muziek. Er zou een nieuw boek van Dan Brown (Da Vinci Code uitkomen, maar helaas is dat nog niet zover. Maakt eigenlijk ook niet uit, want er is hier genoeg te doen en om naar te kijken.

Thuis

Na een lange reis kom ik eindelijk op Schiphol aan. Mijn vader is weer lekker bezig als ik een karretje voor de bagage op haal. Ik zwaai naar hem, zodra ik hem zie. Later hoor ik van Nina (mijn broertjes vriendin) dat hij verbaasd reageerde met de opmerking: 'Hey wat doet Jeroen daar?' Hij dacht dat ik mijn broer was, omdat hij een soortgelijke jas heeft die ik aan had. En we schijnen qua uiterlijk nogal op elkaar te lijken. Nina hielp hem echter snel uit de droom door te vertellen dat Jeroen wat anders droeg.

Eenmaal de bagage opgehaald, loop ik door de controle en daar staat mijn familie me op te wachten. Mijn zusje komt meteen naar me toe met een grote bos rozen en barst in huilen uit, gevolgd door mijn vader en moeder. Gelukkig maar, want anders stond ik daar te janken. Nu kon ik me nog groot houden, zoals het een grote broer betaamt.

Het volgende moment zie ik ineens mijn oom en broer met een spandoek staan waarop geschreven staat: Welkom thuis Henk-Jan. En er zijn ineens ook veel meer bekenden om me heen. Ik had ze helemaal niet gezien. Ik was zo moe na 35 uur vliegen, dat mijn ogen zowat dicht vielen. Wat er daarna dan ook gebeurde vond ik dan ook wel best, maar wel erg leuk. Ik had het niet verwacht.

Mijn vader had twee busjes gehuurd en hij en mijn broer hadden die ochtend iedereen opgehaald. Ze zijn samen gaan lunchen waarna ze mij ophaalden. Op de terugweg nog even wat drinken en daarna iedereen weer naar huis. Na een lange leuke reis van 9.5 maand ben ik weer thuis.

Like deze pagina

Specialisten Australië

Stay tuned

Wil jij elke maand naar Australië?

  • Schrijf je in voor de maandelijkse nieuwsbrief boordevol foto's, prijsvragen en insider tips.
  • Ook ontvang je speciale deals van onze partners!

Aanmelden nieuwsbrief

Australië kenner
Sponsors