7. Strahan · 1 nacht: met de boot over de Gordon River
Steek de grens over naar het Franklin-Gordon Wild Rivers National Park. Zoals de naam al zegt staat dit nationale park bekend om haar wilde rivieren die tussen de hoge bergtoppen en diepe kliffen door slingeren. De parken in het zuidwesten van Tasmanië vormen samen de Tasmaanse Wildernis. Dit laatste deel van je rondreis over het Australische eiland prijkt op de werelderfgoedlijst van Unesco.
Je slaapt in Strahan, het enige plaatsje aan de westkust, aan de baai Macquarie Harbour en twee uur rijden vanaf Cradle Mountain. 's Ochtends stap je op de boot die door Hells Gates, de smalle monding van de baai, de Gordon River op vaart, tussen oevers van regenwoud die zich in het bruine water spiegelen. Onderweg legt de boot aan bij Sarah Island, het eiland waar de Britten begin negentiende eeuw een strafkolonie hadden. Raften kan in één dag op de King River bij Queenstown, of in een week of meer over de Franklin River, dwars door de wildernis. Blijf je liever op het land, dan loop je vanaf de weg naar de waterval Nelson Falls.
8. Mount Field National Park · 1 nacht: de Russell Falls en de hoogste bloeiende bomen ter wereld
Je rijdt vanuit Strahan bijna vier uur naar het oosten, via Queenstown, een mijnstad tussen kale rode heuvels. Mount Field is een van de oudste nationale parken van Tasmanië en ligt op een uur van Hobart. Je loopt in een paar minuten naar de Russell Falls, een waterval in brede treden; de langere route gaat door naar de Horseshoe Falls en de Lady Barron Falls. Langs het pad staan de reuzeneucalyptussen, de hoogste bloeiende bomen ter wereld. In de rivier bij de camping zwemmen in de schemering vogelbekdieren (platypus), zoogdieren met een snavel als een eend, die eieren leggen.
Waar zie je de Tasmaanse duivel?
De Tasmaanse duivel is het grootste vleesetende buideldier dat nog bestaat. Hij is zwart met een witte streep over de borst en niet groter dan een kleine hond, en hij leeft alleen op Tasmanië. 's Nachts gaat hij op pad en eet hij vooral kadavers, met kaken die ook botten kraken. Sinds de jaren negentig sterft een groot deel van de dieren aan een besmettelijke gezichtstumor, en daarom is de soort bedreigd. In het wild zie je hem zelden, omdat hij pas na donker op pad gaat. Bijna iedereen ziet de duivel in een van de opvangcentra, bij Hobart, aan de oostkust bij Bicheno of bij Cradle Mountain, waar je 's avonds bij het voeren staat en het gekrijs hoort waaraan het dier zijn naam dankt.
Wombats zie je op Maria Island overdag over het gras lopen, en bij Cradle Mountain komen ze in de schemering uit hun holen. Het vogelbekdier zie je in de schemering in de rivieren bij Mount Field en bij Latrobe, een plaatsje bij Devonport. De mierenegel, of echidna, een eierleggend zoogdier met stekels, steekt op bijna elke boswandeling het pad over, en de kleine pinguïns komen na zonsondergang aan land bij Bicheno en op Bruny Island. 's Avonds rijd je langzaam, want dan steken wallaby's, kleine kangoeroes, en wombats de weg over; na donker rijd je het liefst helemaal niet meer.
Maria Island of Bruny Island?
Vlak voor de kust liggen twee eilanden die elk een dag van je vragen. Maria Island ligt aan de oostkust, Bruny Island ten zuiden van Hobart. De meeste reizigers kiezen er één. Op Maria Island rijden geen auto's. Je vaart vanuit Triabunna in een halfuur over, loopt of fietst langs de ruïnes van een strafkolonie en ziet overdag wombats en kangoeroes grazen. Bruny Island doe je met de auto, na een korte veerboot vanaf Kettering; je rijdt over The Neck, een smalle strook zand, naar de vuurtoren van Cape Bruny, en onderweg eet je oesters en kaas van het eiland. Kies Maria Island voor de dieren en de rust, Bruny Island voor rijden en eten.
Auto of camper?
Op Tasmanië reis je met een huurauto of camper, want er zijn geen treinen en maar weinig bussen. Met een auto slaap je in B&B's en lodges en rijd je makkelijker over de bochtige bergwegen. Met een camper overnacht je op de campings in de nationale parken, aan de rivier bij Mount Field of aan het strand van Fortescue Bay, en je kookt zelf. Vooral als je vanaf Melbourne met de nachtboot komt, is een camper handig, want je rijdt 's ochtends in Devonport van de boot zo het eiland op. Wildkamperen mag op veel plekken buiten de nationale parken; hoe dat werkt, lees je in 3 tips voor wildkamperen in Tasmanië. Bij het eerste bezoekerscentrum koop je de parkpas voor twee maanden. Die is per voertuig, huurauto of camper, en geldt voor alle nationale parken en voor iedereen die meerijdt. Voor de Overland Track moet je maanden vooruit reserveren. Een route voor negen dagen met de camper staat op Camperroute Tasmanië.
Beste reistijd voor een rondreis door Tasmanië
Je kunt in principe het hele jaar door een rondreis door Tasmanië maken. Bezoek je Tasmanië in de zomer, dan zijn de stranden op haar mooist maar is het ook erg druk vanwege de Australische zomervakantie. De wintermaanden zijn rustiger, maar ook kouder met kans op sneeuw.
Het weer is het meest stabiel van oktober tot en met maart; december tot en met februari is het warmst, met de Australische schoolvakantie en volle nationale parken. In april en mei is het rustig en kleuren de loofbossen. Van juni tot september zijn de hotels goedkoper, ligt er sneeuw in de bergen en zie je op een heldere nacht soms het zuiderlicht, het aurora australis, boven de zuidelijke horizon. Een meerdaagse wandeling door de bergen plan je tussen december en april. Rond nieuwjaar is er Taste of Summer, tien dagen eten en drinken aan de haven van Hobart. In juni volgt in dezelfde stad Dark Mofo, het midwinterfestival van het MONA, met kunst, muziek en vuur rond de kortste dag. In de zomer is er kans op bosbrand, en dan sluiten de parkwachters een nationaal park soms een dag. Welk seizoen je ook kiest, je neemt laagjes mee, want het weer slaat op één dag om. Meer per maand lees je bij klimaat Tasmanië.
maandtabel uit het systeem
Het klimaat van Rondreis door Tasmanië per maand
| Maand |
Overdag |
's Nachts |
Neerslag |
Zeewater | Reistijd |
| januari |
23 °C |
13 °C |
48 mm |
16 °C | Beste reistijd |
| februari |
23 °C |
12 °C |
43 mm |
17 °C | Beste reistijd |
| maart |
21 °C |
11 °C |
43 mm |
16 °C | Beste reistijd |
| april |
18 °C |
9 °C |
43 mm |
15 °C | Goed |
| mei |
16 °C |
7 °C |
40 mm |
14 °C | Matig |
| juni |
13 °C |
5 °C |
41 mm |
13 °C | Matig |
| juli |
13 °C |
4 °C |
42 mm |
13 °C | Afgeraden |
| augustus |
14 °C |
5 °C |
50 mm |
12 °C | Afgeraden |
| september |
16 °C |
6 °C |
52 mm |
12 °C | Matig |
| oktober |
18 °C |
8 °C |
55 mm |
12 °C | Matig |
| november |
20 °C |
10 °C |
59 mm |
13 °C | Goed |
| december |
21 °C |
11 °C |
59 mm |
14 °C | Beste reistijd |
Gemiddelden 1991–2020. Temperatuur: NOAA GHCN-Daily, weerstation Hobart Airport; neerslag: Copernicus Climate Change Service (ERA5-Land); zeewater: NOAA OISST; reistijd: Getaway Travel, op basis van klimaatdata en reisgidsen.
Opgehaald op 2 november 2026.
Hoe reis je naar en door Tasmanië?
Vanuit Nederland vlieg je met één overstap, in Singapore, Doha, Dubai of Kuala Lumpur, naar Melbourne of Sydney, en je bent dan zo'n twintig uur onderweg. Vanaf daar vlieg je door naar Hobart, of naar Launceston als je in het noorden begint. Met de auto en de nachtboot kan ook: vanaf Geelong bij Melbourne vaar je in negen uur naar Devonport aan de noordkust. Hoe je ook komt, vers fruit en groente laat je op het vasteland achter, want die mag je niet meenemen naar Tasmanië.
Hobart is de hoofdstad van Tasmanië en het meest logische beginpunt van je rondreis door Australië. In tegenstelling tot het vasteland van Australië zijn de afstanden op Tasmanië goed te overbruggen. Een huurauto of een camper is een ideale manier om in relatief korte tijd zoveel mogelijk van het eiland te zien. Tien dagen tot twee weken zijn voldoende voor een rondreis langs de belangrijkste highlights van Tasmanië.
Je rijdt links, de wegen zijn goed maar bochtig, en van Hobart naar Launceston rijd je in minder dan drie uur. Op de meeste dagen zit je twee tot vier uur achter het stuur, met de langste rit tussen de westkust en Hobart, en de laatste ochtend ben je vanaf Mount Field in ruim een uur weer op het vliegveld. Bussen rijden tussen de steden en in het seizoen naar de bekendste nationale parken, maar de kleine baaien en de westkust haal je alleen met eigen vervoer. Meer over huren en rijden lees je bij vervoer Tasmanië.
Wat kost een rondreis Tasmanië?
Voor een rondreis van tien dagen tot twee weken door Tasmanië betaal je ongeveer € 1.200 tot € 1.800 per persoon zonder vlucht, met huurauto en overnachtingen; de vlucht naar Australië is de grootste losse post. Daar staat tegenover dat de afstanden kort zijn, dus je bent weinig brandstof kwijt, en dat de natuur met één parkpas vrij toegankelijk is. Het verschil tussen goedkoop en duur zit in hoe je slaapt, in een camper op een camping of in een lodge in een nationaal park, en in welke uitstapjes je boekt. De boottocht over de Gordon River en de overtochten naar Maria Island en Bruny Island zijn de posten die het meest schelen.